HUMAN

Harmke leefde het ultieme studentenleven, maar liep toen hersenschade op

  1. Nieuwschevron right
  2. Harmke leefde het ultieme studentenleven, maar liep toen hersenschade op

"Stel: je bent ziek. Je hebt hoofdpijn. Of een kater. Heel vaak is alles je dan nét iets te veel. Ik heb dat dus heel vaak."

Harmke had de pabo gedaan, was bezig met haar master en woonde op kamers in Groningen. Ze genoot studentenleven en stond ook al voor de klas. Ze had grote dromen, wilde veel reizen en deed ook nog veel met sport. Maar één bergtocht veranderde alles.

Mooi: Harmke heeft voor ons de beste foto's van de reis naar Tanzania geselecteerd. Deze zijn in het artikel verweven.

Zuurstoftekort

Twee jaar geleden reisde Harmke naar Tanzania om de Kilimanjaro te beklimmen. Alles ging goed. Totdat haar hersenen haar hoogteverschil niet meer aankonden.

“Toen had ik eigenlijk moeten stoppen, maar ik ging door,” vertelt Harmke. “Totdat ik op een bepaald moment flauw viel. Meer dan een halve dag ben ik weggeweest. Het eerste gedeelte ben ik getild naar een lager gelegen kamp, de volgende ochtend brachten ze me met een brancard naar beneden. Door het zuurstoftekort heb ik hersenoedeem opgelopen.”

Bij hersenoedeem zwellen de hersenen snel op. Dit kan ernstige gevolgen hebben. Maar Harmke had niet meteen door hoe ernstig de schade was. “Ik dacht dat het allemaal wel weer goed zou komen als ik beneden was.”

25 + 3 = ?

In Nederland werd pas duidelijk dat er iets goed mis was. Harmke’s leidinggevende trok aan de bel. Ze praatte namelijk een stuk langzamer en was ook sneller moe.

Toen ze bij de huisarts was, werd ze meteen doorverwezen naar het ziekenhuis. “Een veelvoorkomend kenmerk bij hersenoedeem is het idee dat je zelf nog alles kunt. Ze hebben ook een keer een experiment gedaan met een wetenschapper in een vliegtuig. Op een bepaalde hoogte met geringe zuurstof gaven ze hem allemaal opdrachten zoals het uitrekenen van de rekensom 25 + 3. Zelfs deze simpele dingen lukte hem niet meer. Maar hij dacht zelf wel dat hij het nog allemaal kon.”

Terug naar ouders

Ineens moest Harmke haar oude leven in Groningen opgeven en weer bij haar ouders gaan wonen. Haar dagen bracht ze door op haar slaapkamer, met de gordijnen dicht. Zelfs mee eten met een gezin was haar al te veel. En dat voor iemand die vroeger vaak genoeg onder de mensen was.

“Ik heb nu dus bijvoorbeeld al twee jaar niet meer naar de radio geluisterd. Ik raak snel overprikkeld. Stel: je bent ziek. Je hebt hoofdpijn. Of een kater. Heel vaak is alles je dan nét iets te veel. Ik heb dat dus heel vaak. Soms luister ik met mijn zusje weer even naar muziek. Dan zegt ze ook tegen me: ‘Wat mis ik dat ik dit met jou kan delen.’ Af en toe zet ik nog wel een nummer op. Laatst heb ik wel weer een muzieknummer opgezet en daar heb ik wel oprecht van genoten."

Luisteren naar de waterkoker

Harmke moest stap voor stap weer leren om met prikkels te dealen. “Ik zette de waterkoker aan. Ik probeerde erbij te blijven staan als het apparaat opwarmde. Ik begon met het lezen van folders, daarna kinderboeken en zo steeds iets ingewikkelders.”

“Er is ook een neuropsychologisch onderzoek uitgevoerd om te kijken hoe mijn hersenen functioneren. Ik vond de uitslag best heftig. Er waren gewoon heel veel dingen die in toekomst moeilijk zouden worden. Bijvoorbeeld leren.”

Maar Harmke liet zich niet kennen. In stapjes probeert ze steeds weer een beetje vooruit te komen. Als we haar spreken, kan ze gewoon weer naar de waterkoker luisteren. Ook pakt ze langzaam haar masterstudie weer op. En zo heeft ze ondertussen dus wel weer twee toetsen gehaald.

Kleine dingen

Harmke heeft veel moeten inleveren. “Ik had ook gewoon dromen en idealen. En dan ineens moet je jezelf terugvinden. Soms vind ik het wel moeilijk als ik zie hoe mensen om me heen wél die droombaan krijgen of verder gaan. Ik gun het iedereen maar het is wel moeilijk als het voor jezelf allemaal anders is.”

“Aan de andere kant krijg je er ook iets voor terug. Je wordt namelijk terug geworpen op jezelf. Je leert weer de kleine dingen waarderen. Ik heb nu bijvoorbeeld veel vaker een goed gesprek. Je kunt je ook beter inleven in anderen.”

“Door de Edwin van der Sar foundation kwam ik in contact met lotgenoten. Daar heb ik heel veel steun aan gehad. Na de allereerste bijeenkomst heb ik door alle prikkels en adrenaline een week lang op bed moeten liggen, inclusief paracetomols. Maar dat was het waard, want ik was zo enthousiast. Deze mensen begrepen mij écht.

Uiteindelijk heeft Harmke ook best geluk gehad. “Het had niet veel gescheeld of ik was er gewoon niet meer geweest. Ik leer stapje voor stapje weer opnieuw functioneren. Langzaam krijg ik alles terug. Dat is heel bijzonder.”

Dit is een verhaal mede mogelijk gemaakt door FNO, dat zich inzet voor kwetsbare groepen in de samenleving en kansen wil vergroten van mensen met een beperking of chronische aandoening. Aanstaande 13 november is hun jaarlijkse evenement de Club van 100, waar honderd sleutelpersonen met jongeren in gesprek gaan om problemen op de politieke en maatschappelijke agenda te zetten. Tot die tijd brengt Tussenuur inspirerende verhalen van jongeren met chronische aandoeningen.

Ster advertentie
Ster advertentie