Meer NPO

Julien Clerc

Julien Clerc

Halverwege de jaren zeventig kent de Franse muziek een enorme opleving. Zo ook in de Nederlandse hitlijsten waar artiesten als Catherine Ferry, Gérard Lenorman, Michel Fugain en de tot Fransman genaturaliseerde Nederlander Dave de ene na de andere hit scoren. Boegbeeld van deze Franse invasie is Julien Clerc. Met zijn warrige krullendos en enorme charisma verovert hij de harten van alle vrouwen. Ook weet deze ‘jeune premier’ van het Franse chanson een groot deel van het mannelijk publiek aan zic

Landleven

Julien Clerc wordt op 4 oktober 1947 in Parijs geboren als Paul Alain August Leclerc. Hij is de zoon van een bij de UNESCO werkzame professor en diens eerste vrouw. Vlak na zijn geboorte scheiden zijn ouders. De kleine Paul wordt toevertrouwd aan de zorg van zijn vader, die kort daarop hertrouwd en met zijn nieuwe vrouw drie zoons en twee dochters krijgt. De familie Leclerc verhuist naar het platteland en betrekt een groot landhuis in Bourg-la-Reine. Daar geniet de jonge Leclerc een beschermde opvoeding waarin discipline, religie, traditie en het familieleven een belangrijke rol spelen. Hij voetbalt, leert piano spelen en leest de boeken van Victor Hugo en andere grote Franse dichters en schrijvers. Toch voelt de jongeman zich slecht op zijn gemak binnen het gelukkige gezin Leclerc. Hij ervaart de bezoeken aan zijn moeder in Parijs als een bevrijding. De bruisende omgeving van haar appartement in Porte D’Orléans past veel beter bij de avontuurlijke Paul dan het rustige landleven in Bourg-la-Reine. Zijn belangstelling voor Guadeloupe, waar zijn moeder vandaan komt, resulteert in een korte vakantie op de Franse Antillen. Daar vindt de jonge Leclerc de bron van zijn temperament en creativiteit.

Dromen

Tijdens zijn middelbare schooltijd in Bourg-la-Reine ontmoet hij Maurice ‘Momo’ Vallet, met wie hij dik bevriend raakt. Het tweetal deelt een gezamenlijke interesse voor sport, theater, literatuur, politiek en muziek. Ze luisteren naar de chansons van George Brassens, Gilbert Bécaud en Charles Aznavour als ook naar de jazz van Thelonious Monk. Begin jaren zestig komen daar nieuwe popidolen bij zoals Eddie Cochran, Chuck Berry, Bob Dylan en The Beatles. Het is ook de tijd waarin de jonge Leclerc zijn politieke bewustzijn ontwikkelt. Zijn ideeën stroken niet met die van zijn vader met wie hij breekt. In 1966 vertrekt hij met Momo naar Parijs om daar rechten te studeren aan de Sorbonne Université. In een café ontmoeten ze Étienne Roda-Gil, een zoon van Spaanse vluchtelingen. Gedrieën delen ze hun muzikale voorkeur en dromen ze van succes. Net als  Momo blijkt ook Roda-Gil poëtische teksten te kunnen schrijven. Paul heeft de meest geschikte zangstem om die te vertolken. Maar eerst moet hij zijn naam veranderen. Allerlei suggesties passeren de revue, zoals Paul Le Rock en Joe Leclerc, waarna definitief wordt gekozen voor de artiestennaam Julien Clerc. In oktober 1967 doet Julien Clerc auditie voor CBS Records. Hij zingt er onder meer het liedje 'Ivanovitch', maar de platenmaatschappij wijst hem af. Hoewel de deceptie groot is, laten hij en de anderen zich niet ontmoedigen.

Tieneridool

In december 1967 viert de UNESCO een groot feest. Ook het gezin Leclerc is uitgenodigd. Op dringend verzoek van zijn vader gaat Julien mee. Tijdens het feest ontmoet hij Bob Socquet, artistiek directeur van het Pathé-Marconi theater. Julien vertelt hem over zijn ambities en wordt uitgenodigd voor een nieuwe auditie. Dit keer slaagt Julien wel: hij krijgt een platencontract aangeboden. In februari 1968 neemt Julien zijn eerste single 'La Cavalerie' op. De tekst is van Roda-Gil. Het liedje levert hem een eerste bescheiden hitje op. In datzelfde jaar scoort Julien nog een succesje met het eerder afgewezen 'Ivanovitch', waarvan de tekst is geschreven door Momo. Aansluitend staat hij in het voorprogramma van de Belgische zanger Adamo. In 1970 wordt Julien gevraagd de hoofdrol te spelen in de Franse versie van de musical Hair. Even twijfelt Julien maar volgens Momo en Roda-Gil is dit dé kans op een doorbraak naar het grote publiek. Ze krijgen gelijk. Met verve speelt Julien de rol van Claude, waarmee hij zelfs de grootste criticasters in Parijs weet te overtuigen. In 1971 scoort Julien zijn eerste grote hit. Dat gebeurt met de van zijn derde elpee Niagara afkomstige single Ce N’est Rien. De hit wordt gevolgd door een nóg grotere hit: Si On Chantait. Binnen korte tijd groeit Julien Clerc uit tot hét tieneridool van Frankrijk. Hij wordt door zijn fans liefkozend ‘Juju’ genoemd en treedt op in alle grote Franse theaters. Zo staat Julien drie weken lang in het prestigieuze theater l’Olympia in Parijs, dat iedere avond steevast is uitverkocht.

Veronica

Ook in Nederland hoort men van de Franse successen van Julien Clerc. In 1974 wordt hij uitgenodigd voor een optreden tijdens het Grand Gala du Disque. Julien accepteert het aanbod en krijgt met 'Si On Chantait' heel Nederland aan zijn voeten. Het liedje levert hem hier zijn eerste hit op. Behalve in ons land treedt Julien ook op in Canada, Libanon, Vietnam en Japan. Eind 1975 verschijnt Juliens zevende elpee met de toepasselijke titel No. 7. De eerste single van die plaat heet 'Elle Voulait Qu’on l’Appelle Venise' en levert hem ook in ons land een grote hit op. Een paar maanden later geeft Julien Clerc een optreden in Veronica Aan Land, het eerste televisieprogramma van de nieuwe Veronica Omroep Organisatie. Als gevolg van dit optreden bereikt zijn nieuwe single 'This Melody' een paar weken later de eerste plaats van de Nederlandse hitlijsten. Daarmee is de naam van Julien Clerc ook in Nederland definitief gevestigd.

Wilde haren

In de jaren die volgen verschijnt regelmatig een nieuw album van Julien. Ook blijft hij hits scoren met liedjes als 'Ma Préférence', 'Jaloux de Tout' en 'Ça Commence Comme Un Rêve d’Enfant'. Ondertussen start Julien ook een filmcarrière. In 1976 verschijnt zijn eerste speelfilm D’amour Et D’eau Fraîche. Het levert hem geen Oscar op maar wél een ontmoeting met de bekende actrice Miou Miou met wie hij trouwt en twee dochters krijgt. Het gezinsleven maakt hem blijkbaar wat rustiger. En met het knippen van zijn krullen lijken ook zijn wilde haren te zijn verdwenen. Niets minder is waar. Vlak voordat hij in 1982 het album Femmes, Indescrétion, Blasphème uitbrengt, breekt Julien met Miou Miou als ook met Momo en Gil-Roda. In plaats daarvan werkt hij samen met onder anderen Françoise Hardy en Serge Gainsbourg. Het succes laat hem niet in de steek; het album wordt in Frankrijk bekroond met platina. In 1987 scoort Julien weer een grote hit in ons land met het vrolijke 'Hélène'. De vrolijkheid is een gevolg van zijn nieuwe huwelijk met de jonge Virginie Coupérie, met wie hij ook twee kinderen krijgt. Ook herstelt Julien de banden met zijn oude makker Étienne Gil-Roda. Julien gaat weer op tournee; ditmaal door België, Zwitserland, Duitsland, Canada en zelfs Amerika.

Oude gek

Na zijn reis door Afrika wordt Julien in 2003 benoemd tot speciaal ambassadeur van UNCHR, de vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties. In datzelfde jaar scheidt hij van zijn tweede vrouw. Hij gaat een relatie met de dertig jaar jongere Franse schrijfster Hélène Grémillon, die in 2008 bevalt van hun zoon Léonard. Julien is dan 61 jaar jong. Vlak daarvoor neemt hij met Rob de Nijs, die eveneens als zestiger weer vader wordt, een nieuwe versie op van zijn oude hit 'This Melody' ('Eén Melodie'). Ondertussen blijft Julien optreden – zijn concertagenda staat volgeboekt tot ver in 2013 - en platen maken, waarvan de laatste in 2011 verschijnt onder de veelzeggende titel Fou Peut-être.  Maar ook als ‘oude gek’ van bijna 65 jaar is Julien Clerc nog altijd een van de grootste en meest geliefde chansonniers die Frankrijk ooit heeft voortgebracht.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Songs van Julien Clerc

Artiesten

Populair op 3FM